Denk toch aan hen die varen!

Denk toch aan hen die varen! Zegt mijn vader altijd als hij de wind en regen om zijn tweedehandsboekwinkel in Zierikzee hoort jagen. Ja, denk toch aan hen die varen,  de afgelopen tien dagen hebben we hard gevaren met de Tres Hombres. Het lijkt alweer lang geleden dat ik  besloot te vertrekken vanuit de baai van Baiona Spanje. In romantische buien antwoord ik op de vraag wat ik doe voor de kost: Ik leef van de wind, maar eigenlijk moet dat zijn: ik leef naar de wind. Want de wind bepaalt onze planning aan boord van de Tres Hombres.  Vorige week werd er een westelijke wind aangekondigd voor twee dagen en daarna een aanhoudende stormachtige wind vanuit de Noord langs de hele kust van Spanje en Portugal. Wachten of gaan? Kijken of het schip klaar is, vracht zeevast, zeemanskisten zeevast, genoeg proviand en water, tuigage in orde en dan de keuze: gaan.

Vrijdag avond voeren we met een lichte zuider wind de baai uit, naar het westen, in de nacht zou de wind naar het westen ruimen en dan wilde ik zo ver mogelijk uit de kust zijn, weg van de lage wal, weg van het land! En inderdaad rond vier uur ‘s nachts ruimde de wind: tweede stuurman Paul voer nu naar het Noorden aan de wind en maakte mij hierom wakker: tijd om overstag te gaan. Met beide wachten maakte we onze eerste overstag en koersten hierna mooi vijftig mijl uit de kust naar het zuiden. De wind ruimde nog meer toen we op de hoogte Lissabon zaten zodat we met een mooie bakstag wind richting naar de Canarische eilanden konden varen.

Buiten het de zeeziekte van het merendeel van de bemanning om een prachtige race, wat vaart de Tres Hombres toch prachtig  door die oceaan deining! Golven van vier/vijf meter neemt ze met gemak: een feest om mee te maken. Na vier dagen kalmeerde de oceaan wat, de swell nam af en we konden zelfs voor het eerst  genieten van de zon, natte sokken werden aan de safety netten gehangen zodat we voor de omgeving een vrolijk voorbij trekkende waslijn moeten hebben geleken. Maar er was daar niemand om het zien. Daar waren we onze eigen omgeving. Ons eigen kleine dorp op zee. We begonnen gewend te raken aan het wachten ritme, het ritme van de oceaan, er werd steeds meer gelachen tijdens de wachten.

Een paar dagen later kwam de volgende opgave: een goede wind en golvenhoogte vinden om La Palma binnen te varen. De haven pier ligt Zuid Noord en je wil dus niet totaal noorderwind hebben zodat je er dan niet in kan zeilen. Ook wil je niet te hoge golven hebben omdat je voordat je aankomt de bijboot overboord wil zetten om twee mensen aan de kant te brengen om de lijnen op te vangen. Eigenlijk hadden we donderdag middag al binnen kunnen varen maar een opnieuw opgestoken Noorderwind belette ons van aankomst. Ik besloot honderd mijl ten noorden van de Canarische eilanden te wachten.

Afkruisen, met de wind mee overstag gaan/gijpen: pretslagen maken noem je dat in de chartervaart. En daar nam de wind weer toe en daarmee de golfhoogte. Dit maal niet een steady wind maar erg buiig. Dit gaf dat als we onder een wolk met regen zaten we snelheden van 12 knopen maakten en daarna weer vier knopen. Hulde aan Soraia die met deze verschillende bewegingen toch goede maaltijden wist te maken.

Met Andreas had ik contact over wanneer een goede tijd zou zijn om Santa Cruz de La Palma binnen te lopen en we zagen een mogelijkheid zaterdag ochtend. Zaterdagochtend voordat de zon op kwam voeren we dan eindelijk richting het eiland La Palma. Hoe vaak je het ook doet: altijd weer een bijzondere ervaring om na dagen lang alleen maar zee te hebben gezien ineens een eiland te zien opdoemen vanuit de wolken aan de horizon. In de nacht al die lichtjes als een enorme mierenhoop in het midden van de oceaan.

Een plan maken, dat doorspreken met de stuurmannen en bootsman en dan het voorbereiden. Ankerkettingen op dek (hoeveel shackles? Hoe diep is de haven?) Mooringlines aan dek, bijboot motor getest en de eerste communicatie met de havenmeester.  Een muster om alles met de gehele bemanning door te spreken en dan het goede moment uit kiezen en naar binnen varen.

Rond acht uur hadden we het sein dat we naar binnen konden van de havenautoriteit. De swell was nog wel hoog (tot drie meter) maar we besloten er voor te gaan. Jeroen de bootsman voer met de bijboot door de hoge golven naar de kant om te kijken hoe de golven en wind binnen de muur was. Over de radio klonk dat het er binnen goed uit zag. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat zoiets niet spannend is, zonder motor een haven in zeilen. Maar de Tres Hombres heeft perfecte stuureigenschappen en de bemanning deed precies wat ze moest doen. Na een spannend half uur lagen we met vast aan de kant. Land onder de voeten!

Na het schip haven klaar te hebben gemaakt, alle zeilen goed opgedoekt, de trossen juist verdeeld, een dekwash en een mooringwacht voor de eerst vierentwintig uur te hebben verdeelt kon een van de ‘lege’ vaten Port aan dek getild worden om daar ‘het restje’ uit te halen. We konden proosten op een hevig maar mooi stuk oceaan zeilen.

Aankomende week gaan we het schip klaar maken voor het volgende stuk varen: de oceaan oversteek. We zullen de eerste rum laden van Aldea en er komen veel nieuwe trainees. Ook moeten we gedag zeggen tegen een aantal trainees  die we nu oprecht vrienden kunnen noemen. We hopen hen te zien bij het uitlaadfeest in Amsterdam, de Fairtransport familie groeit altijd weer door. En dan is het weer tijd om het weerbericht te bestuderen. Altijd maar kijken naar de wind. Het is zoals mijn collega Harry (van de Morgenster) mij eens zei: Het weer: je kunt er eeuwig naar kijken of over praten, maar je veranderd er niks aan.

En daarmee wil ik deze weblog vanuit Santa Cruz de La Palma eindigen: Ahoy vanuit een zonnig maar door cruisetoeristen overspoeld La Palma!

Share this post:

News, updates and adventure

Follow our adventures on Instagram