SÃO JORGE EN OVERSTEEK
Het oversteekje (20 mijl) naar Sâo Jorge duurde langer dan de afstand deed vermoeden, maar uiteindelijk lagen we laat in de avond aan de kade. Onze gasten Norberto en Paula gingen niet terug naar Horta, maar sliepen bij kennissen en vergezelden ons de volgende dag tijdens het bezoek naar de Santa Catarina fabriek, waar de inmiddels al ingeladen tonijn verwerkt wordt. Werkgelegenheid is hier schaars, en met name voor ongeschoolde vrouwen zijn er nauwelijks mogelijkheden. Deze fabriek is een uitkomst: de productieafdeling, waar de lijngevangen tonijn wordt klaargemaakt om ingeblikt te worden, bestaat volledig uit vrouwen. Onze rondleider, die wat Nederlands sprak omdat-ie een tijdje in Scheveningen had gewerkt, sprak met trots en bezieling over ‘zijn’ product. En passant vertrouwde hij ons toe dat Norberto bij leven al een legende is op de Azoren. Met onze gasten hebben we na het fabrieksbezoek nog geluncht op een hoog gelegen terras met een fantastisch uitzicht op Pico, zowel de naam van het naastgelegen eiland als die van de daarop gelegen twee kilometer hoge vulkaan, waarvan de top, die lang niet altijd te zien is, tijdens ons verblijf besneeuwd was geraakt. Nogal uitzonderlijk voor de tijd van het jaar, te meer omdat het de afgelopen winter geen enkele keer het geval geweest was. Er gebeuren wel meer bijzondere dingen als de Tres Hombres in de buurt is.
Lammert besloot diezelfde middag nog weg te gaan. Dat betekende een deel van de nacht zo goed als dobberen met aan weerskanten van het schip de lichten en contouren van de twee eilanden. Tijdens de hondenwacht stak er een goede wind op en na een aantal uren verdwenen de Azoren uit zicht. Ik hoop er nog eens terug te komen. Zeilend welteverstaan. Een voordeel van het wispelturige klimaat van de Azoren is dat het (nog?) geen massatoerisme kent. Wat de meeste inwoners en mijzelf betreft: vooral zo houden!

Dat we weer in een ander deel van de Atlantische Oceaan zitten, gaat niet onopgemerkt aan ons voorbij. Dalende temperatuur, meer grijstinten in het water, afwisselender wolkenluchten en langere dagen. Meer beschermende kleding aan en bij het ter kooi gaan lekker diep wegduiken in m’n slaapzak. En dan is er ineens weer een heerlijke dag met weinig wind en veel zon; we hielden toen vanwege de windrichting weer even een zuidelijker koers aan. De heldere nachten worden schaarser en het Zuiderkruis staat steeds lager aan de horizon. Het blijft onveranderlijk prachtig. Voor mij geldt in het algemeen: hoe meer ruimte om me heen, des te meer ruimte in mijn hoofd. Ik kom zeer aan mijn trekken en ben ondanks mijn claustrofobische aanleg wel blij met de begrenzing die het schip vormt, anders zou ik zo maar kunnen verzuipen in de eindeloosheid van het water en de lucht. Zeker ’s nachts onder de heldere sterrenhemel, met al dat water rondom en onder me –het diepste punt was acht kilometer- en wetend dat, met alle respect, zo’n kleine constructie van een stalen geraamte, wat hout, enkele lappen canvas en een paar kilometer touw eigenlijk helemaal niets voorstelt, kan dit alles mij wel eens prettig doen duizelen. Nietig voel ik me niet, althans niet meer dan aan land, want ik voel een verbondenheid met alles om me heen, de sterren, het water, het schip. Een slordige vijftien miljard jaar geleden, vlak na de Big Bang was in de oersoep alles wat er nu is en ooit is geweest al in beginsel aanwezig en die wetenschap bevalt me wel.

Gedurende deze oversteek zien we ook weer regelmatig dolfijnen. Hun buitengewoon geschikte vorm maakt dat ze zo speels overkomen: Als je met zo’n stroomlijn naar boven gaat om adem te halen, maak je bijna automatisch een sprongetje, dunkt mij. Walvissen hebben zich niet meer laten zien. Tijdens ons walvis uitje vanuit Horta, waren we er getuige van dat er eentje kakte: of er zich een spontaan grasveld in zee vormde. De wind stond van ons af, dus geroken hebben we het niet en dat hoeft naar verluidt niet betreurd te worden.

Op 1 mei worden we met de nodige toeters en bellen in Falmouth ontvangen en worden er onder het oog van de camera’s enkele vaten rum uit het ruim gehaald, bestemd voor onze vrienden van de New Dawn Traders. Vooralsnog liggen we verankerd in de baai van het verderop gelegen stadje Fowey, van oudsher een smokkelaarsoord. In de 15-de eeuw heeft de Engelse koning een wet gemaakt om dit tegen te gaan. Die heeft niet echt gewerkt, want in de 19-de eeuw is de toenmalige burgemeester uit zijn ambt ontheven vanwege smokkelpraktijken.

We zijn weer in Europa, want ondanks dat de Azoren ook Europees zijn, komt die kennis daar niet erg overtuigend over.

Cleem

Sustainable transport over sea. Tres Hombres, Nordlys, Ecoliner, Clippership, Noah, Fairtransport, Fairtrade, Logbook, shipping news.